Het was een vreemde sensatie om alleen in een enorme bioscoopzaal te zitten, gelukkig wel met de lampen aan. Nog gekker was de impuls om zomaar even naar de bioscoop te gaan omdat ik daar zin in had. Ik kende dat nog niet zo goed vanmezelf want ik beschouwde 'het gaan naar de bioscoop' als een kostbaar en luxe uitje, iets wat je zeker niet alleen zou (moeten) doen.
Ik was een half uur te vroeg omdat ik bang was dat de kaartjes uitverkocht waren. Helaas de meeste spontaniteit is er voor de lezer nu al af. Aan de balie werd mij nog eens uitdrukkelijk gevraagd of ik maar één kaartje wilde, en ik stemde in met een grijns. Toen kocht ik een kopje thee, ook zoiets ongebruikelijks in een bioscoop. Het meisje achter de balie moet gedacht hebben dat ze hier met een raar meisje van doen had. Ik deed alsof ik het grootste plezier beleefde en genoot intens zo'n twintig minuten in een lege filmzaal met een kopje thee. Een theesmaak die ik het meisje uit had laten kiezen omdat het me niet zoveel uitmaakte. Nadat ze mijn vraag om gewone thee niet begreep. Achteraf was dat niet heel verstandig van me want ik hou namelijk niet zo van lemon thee.
Ik zou gaan kijken naar de film zomerhitte. De grote zaal bleef echter vrij leeg. Een stelletje kwam een paar rijen voor me zitten. Een meisje in een rolstoel en zeker 7 oudere dames die de film vanuit artistiek oogpunt kwamen bekijken. Dat kon ik zien aan hun kapsels en aan hun jassen. Hoewel het een eigentijdse bewerking zou zijn, blijft het toch een verhaal van de pas overleden Jan Wolkers.
Een paar jaar geleden werd het boekje zomerhitte meegegeven als boekenweekgeschenk. Ik las het en was verrukkt want ik begon door dit boekje in te zien wat de magie van Wolkers was.
De film was vermakelijk, maar ik genoot er meer van omdat het zo'n impulsieve activiteit was. De charme van Wolkers was moeilijk te herkennen. Dat okselhaar wat me in het boek zo had geïntrigeerd was in de film helaas verdwenen. Dat zou vanuit modern oogpunt toch echt niet meer kunnen, meisjes van nu walgen daarvan, aldus Monique van de Ven, regisseur van de film (interview Trouw).
Ik heb te weinig kennis om een oordeel te kunnen vellen over de film, dan wel over de acteertalenten van Hilbrand en Torenstra. Wat sowiesoe moeilijk oordelen is omdat de twee in werkelijkheid ook een liefdeskoppel zijn. Dan rest er nog iets van een gevoel dat overblijft. Misschien was het de lege zaal, misschien de blonde krullen van Waldemar. Of toch de vermakelijke opmerkingen van Cees Geel, dat ik zo opgewekt de bioscoop verliet.
Met rode wangen fietste ik nog even naar Peter want hij was aan het werk bij de Slegte. Ik vertelde over wat ik had gedaan. Hij vroeg me wat ik er van vond. Ik wist het toen nog steeds niet zo goed en zei dat ik er over na wilde denken.
En plotseling vroeg ik me af wat die dames gedacht moeten hebben, want okselhaar in deze dagen is 'uit', zij hebben nog de gloriedagen van de Jan Wolkersperiode in literatuur en film hebben meegemaakt... ik had het ze moeten vragen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten