maandag, mei 28, 2007

Puzzelstukjes vallen op hun plaats

Het is maandagavond, nog even en ik besef me dat het de 2e pinksterdag was, maar het besef is vaag - het gaat nergens over, althans niet voor mij. Langzaam aan begin ik aan het idee gewend te raken dat de studie er niet meer is en dat eigenlijk zo heel veel 'niet is'. Net zoals pinksteren er wel was maar niet was. Steeds minder heb ik het gevoel dat ik me moet verantwoorden voor mijn keuze. Dat zal mede dankzij de positieve reacties geweest zijn die ik heb gekregen. Toch is het gevoel van leegte, verdriet en hoofpijn nog niet helemaal weg; ik voel de pijn vooral als ik achter mijn bureau zit. Vandaar dat ik mijn laptop voor een tijdje op de eettafel heb gezet. De praktijk van de eettafel is verhuist naar de salontafel en de eettafel dient haast werkelijk als een echt bureau.
Ik ben al op zoek gegaan naar werk, als postbode of als thuishulp - beiden sollicitaties staan nog open. Mocht het wat worden, ben ik in ieder geval verzekerd van dat waar ik op doel: een leven waarin ik mijn handen echt uit de mouwen kan steken, in plaats van enkel het brein al het werk laten doen.
Ik heb witte kaarsen aangestoken, misschien wel als symbool voor mijn overgave, een heimelijk verlangen naar een wit uniform. Of omdat ze gewoon mooi kleuren bij de rozen en de witgeverfde muren. Was wit niet ooit de kleur van Pinksteren, de dagen dat we in witte kleren naar school gingen. Was wit in een schilderij niet het symbool voor de reinheid? Waren mijn zakdoekjes niet wit, toen ze nog ongeschonden in hun verpakking zaten? Is wit in één zo nietszeggend als aan alles wat ze uit zou kunnen drukken, de kleuren van de regenboog, het geheel dat het leven van de puzzelstukjes omvat?

Geen opmerkingen: